Tips

Enthousiast geworden en wil je je ook wel eens wagen aan railtracking? Op deze pagina heb ik een aantal tips op een rijtje gezet, waarvan ik denk dat ze handig en belangrijk zijn.

De voorbereiding:

Een goede voorbereiding is het halve werk. Dat geldt zeker ook voor railtracking, zowel in het kader van de veiligheid alsook om teleurstellingen te voorkomen. Het zou natuurlijk zonde zijn als er ter plekke onnodig tijd verdaan wordt met zoeken, omdat je niet op de hoogte bent van de omgeving en dergelijke. Ook een haperend fototoestel of terechtkomen in een benarde positie is niet echt iets waar je op zit te wachten.
Een goede voorbereiding begint daarom al met enig speurwerk vooraf. Een handig hulpmiddel hierbij is
Google Earth. Hiermee is van bovenaf prima te zien hoe een spoorlijn bijvoorbeeld loopt en hoe lang deze is. Zelf gebruik ik Google Earth ook voor het vinden van de dichtstbijzijnde bushaltes bij het begin- en eindpunt. Op deze manier kan ik inschatten of een lijn niet te lang is om in één keer te lopen en of ik vanuit het eindpunt meteen de bus kan pakken of misschien nog een stuk (terug) moet lopen. De spoorsituatie is vaak ook goed te zien op het sporenplan, te vinden op de site SporenplanOnline.

Om ideeën op te doen voor interessante spoorzoektochten is het, naast de reportages op deze of andere sites (zie links) te bekijken, ook leuk om het boek 'Spoorzoeken. Langs de littekens van een tijdperk' eens te lezen. Dit boek, geschreven door Kees Volkers, geeft informatie over een twintigtal verlaten of verdwenen spoorlijnen in Nederland of vlak over de Duitse of Belgische grens. Enkele hiervan zijn ook reeds op deze site verschenen (o.a. Santpoort Noord - IJmuiden, de IJzeren Rijn en Nijmegen - Kleef). Verwacht geen voorgekauwde fototochten, maar enkel beknopte informatie over het verleden en heden van de spoorlijn, aangevuld met wat opvallendheden. Een overzichtelijk kaartje maakt het geheel compleet. Het boek eindigt met enkele spoorzoektips en een beschrijving van de ontwikkeling van het Nederlandse spoorwegnet door de jaren heen. Het boek is geschreven vanuit een duidelijke visie op spoorzoeken, zoals de meeste railtrackers erover denken. Zo ziet de schrijver oude spoorlijnen ook het liefst gewoonweg verwilderen ('de schoonheid van het verval') en houdt er niet van dat ze verbouwd worden tot toeristisch trekpleister met informatiezuilen en bewegwijzering. Ook 'onnozele monumenten' zoals een stukje spoor of een klimrek in de vorm van een stoomlocomotief zijn uit den boze en zouden zelfs een belediging voor de voormalige spoorlijn vormen.















Kees Volkers, Spoorzoeken. Langs de littekens van een tijdperk, (Zaltbommel 2002), Europese Bibliotheek, 108 pagina's, geïllustreerd, ISBN 902883659-4

 

De uitrusting:

Eigenlijk hoort dit gedeelte ook nog bij de voorbereiding. Het is belangrijk om van tevoren te checken of je alle benodigde spullen bij je hebt, voordat je op pad gaat. Zorg in ieder geval voor de volgende dingen en let daarbij op de extra aandachtspunten:

- Goede schoenen

Lopen over het spoor en ballast is vermoeiend. Ook is de ondergrond vaak erg ongelijk. Daarom is het erg belangrijk om degelijke, stevige schoenen aan te trekken die een goed profiel hebben. Biels kunnen vaak glad zijn, waardoor je makkelijk uit kunt glijden.

- Eten en drinken

Spoorlopen vergt veel energie. Het is daarom handig om een lunchpakket mee te nemen. Uiteraard niet te veel eten/drinken en geen loodzware dingen, want dat is dan weer onnodige bagage. Neem de restanten mee en laat deze niet achter in de natuur!

- Mobiele telefoon

Het zou zomaar kunnen gebeuren dat je halverwege de tocht, buiten de 'bewoonde wereld', je voet verstuikt en niet meer verder kunt. Het is dan wel zo prettig om hulp in te kunnen schakelen. Let erop dat er voldoende beltegoed op de telefoon staat en dat de batterij opgeladen is.
Daarnaast kan het ook nooit kwaad om enkele kennissen vooraf te informeren over de tocht, zodat deze weten waar je uithangt.

- Paspoort/identiteitsbewijs

Het is mogelijk dat je om een legitimatiebewijs wordt gevraagd. In Nederland volstaat hiervoor ook een rijbewijs, maar bij buitenlandse tochten moet je een geldig identiteitsbewijs/paspoort bij je hebben!

- Fototoestel

Vanzelfsprekend neem je een fototoestel mee. Dat is immers je voornaamste uitrusting. Zorg en dan ook voor dat je voldoende batterijen bij je hebt en dat er voldoende ruimte vrij is op het geheugenkaartje. Het zou immers zeer vervelend zijn wanneer je halverwege met een toestel staat dat vol is of waarvan de batterijen juist leeg zijn.

- Emplacementtekening/kaarten

Zeker bij opgebroken spoorlijnen is het handig om een emplacementtekening bij je te hebben. Ook oude kaarten waar het spoorverloop op terug te vinden is, kunnen handig zijn. Maak voor het gemak een kopie van zo'n tekening of kaart. Je hoeft dan niet meer mee te nemen dan nodig is en het origineel kan zo niet beschadigen. Een afdruk van alle Nederlandse emplacementtekeningen zijn tegen geringe kosten uit te printen bij het Utrechts Archief.

De tocht:

Ter plekke is het belangrijk om veilig te werken. Dat betekent dat je niet op plaatsen komt, die niet toegankelijk zijn voor onbevoegden. Ga dus niet over of vlak naast in dienst zijnde sporen wandelen! Breng ook machinisten nooit aan het schrikken! Laat duidelijk zien dat je fotograaf bent.
Daarnaast is het aan te raden om zoveel mogelijk naast het spoor te lopen. Biels kunnen glad zijn, maar het loopt sowieso niet erg makkelijk.
Trek oude kleding aan, soms moet je je letterlijk door begroeiing wringen.
Let ook op de conditie van bijvoorbeeld bruggen en viaducten. Het is mogelijk dat deze door het verval minder stevig zijn dan ze eruit zien.

Houd te slotte altijd de urban exploring-leus in het achterhoofd. Veel plezier met spoorzoeken!
 

Take nothing but pictures, leave nothing but footprints...


P.P. van Birgelen, 2007-2009